Waarom kan de één beter tekenen dan de ander? De invloed van persoonlijkheid op tekentalent

Iedereen maakt wel eens een tekening; achterop een krant, in een rekenschrift, tekenblok of op een echt schilderdoek. Maar de één kan beter tekenen dan de ander. Hoe komt dat precies? Waarom kan de één een beroemde kunstenaar worden, terwijl de ander dat niet kan?

Picasso

In de herfstvakantie van 2012 vond in het kader van Science Live bovengenoemd onderzoek plaats. De onderzoekers vertelden de NEMO deelnemers dat het onderzoek over “persoonlijkheid en tekentalent” ging: bepaalt de persoonlijkheid van kinderen hoe goed ze kunnen tekenen?

Nu het onderzoek succesvol is afgerond moeten we iets rechtzetten. Het onderzoek ging helemaal niet over persoonlijkheid en tekentalent maar over iets heel anders.

Tijdens het onderzoek maakten kinderen een tekening. Vervolgens kregen ze een overdreven compliment of een ‘gewoon’ compliment voor hun tekening. Eigenlijk onderzochten wetenschappers Eddie Brummelman, Sander Thomaes en Patty Leijten welke invloed deze complimenten hebben op hoe kinderen zich voelen en hoe gemotiveerd ze zijn om verder te tekenen. Bijvoorbeeld, nadat kinderen een compliment hadden gekregen, vulden ze een vragenlijst in over hoe ze zich voelden en werd gemeten hoe gemotiveerd ze waren.

Kinderen krijgen dagelijks thuis en op school heel veel complimenten, maar niet alle complimenten zijn hetzelfde. Sommige complimenten zijn realistisch, zoals “Je hebt een mooie tekening gemaakt!” Andere complimenten zijn onrealistisch en lijken overdreven, zoals “Je hebt een ONGELOOFLIJK mooie tekening gemaakt!” De onderzoekers zijn geïnteresseerd in welke invloed overdreven complimenten hebben op kinderen.

Na het onderzoek vertelden de onderzoekers meteen aan de deelnemers waar het onderzoek echt over ging. Maar waarom vertelden de onderzoekers dat niet vooraf? Als kinderen vooraf al zouden weten dat ze een compliment krijgen, dan reageren ze minder spontaan op dit compliment. Bijvoorbeeld, als je weet dat je straks een compliment zult krijgen, dan reageer je waarschijnlijk minder enthousiast op dit compliment. Dus soms kunnen wetenschappers het echte onderwerp van een onderzoek niet vooraf verklappen, omdat dit het onderzoek minder “echt” zou maken.

Omdat kinderen zo veel complimenten krijgen, zijn de resultaten van dit onderzoek heel belangrijk. Bijvoorbeeld, de resultaten kunnen leraren helpen om goede complimenten te geven aan hun leerlingen.

Tja… Soms moet je bij wetenschappelijk onderzoek dus een leugentje om bestwil verkopen als je betrouwbare resultaten wilt hebben.

Inmiddels zijn de resultaten van het onderzoek bekend. Het onderzoek laat zien dat zo’n overdreven compliment goed kan uitpakken voor kinderen met hoge zelfwaardering maar slecht kan uitpakken voor kinderen met lage zelfwaardering:

Overdreven complimenten kunnen kinderen het gevoel geven dat ze uitzonderlijk goed moeten presteren. Bijvoorbeeld, als kinderen horen dat ze een “ONGELOOFLIJK” mooie tekening hebben gedaan, dan zouden ze kunnen denken dat ze ook in de toekomst ongelooflijk mooie tekeningen moeten maken.

Kinderen met hoge zelfwaardering denken vaak dat ze wel aan deze hoge verwachtingen kunnen voldoen, en zoeken dus meer uitdagingen. Maar kinderen met lage zelfwaardering denken vaak dat ze niet aan deze hoge verwachtingen kunnen voldoen, en gaan dus uitdagingen uit de weg.

Kortom, een overdreven compliment kan motiverend zijn voor kinderen met hoge zelfwaardering, maar kan demotiverend zijn voor kinderen met lage zelfwaardering.

Deze keer met deelname van:

Universiteit Utrecht
Afdeling Ontwikkelingspsychologie

Dit onderzoek is afgerond

Onderzoek uitgevoerd: herfstvakantie 2012 in NEMO Science Museum.

Er deden 252 proefpersonen mee aan het onderzoek. Wij danken alle deelnemers.

De onderzoekers

Nieuws van Science Live