Wat gebeurt er als je een buitenaardse taal leert?

Niemand weet precies wanneer en hoe taal is ontstaan. Taal laat immers geen sporen na – schrijven kunnen we eigenlijk nog maar heel kort. Ooit wilden onze verre voorouders met elkaar communiceren. Om een slimme jachtstrategie te bespreken. Of om die leuke stamgenoot de grot in te lokken. Waarschijnlijk gebruikten ze daar klanken en gebaren voor. Uit die eerste uitingen heeft zich uiteindelijk een ingewikkeld taalsysteem ontwikkeld met een woordenschat en een grammatica. Hoe is dat in zijn werk gegaan?

Ufogame_600pxls

Je hebt vast ooit het spel ‘doorfluistertje’ gespeeld. Iemand verzint een bericht dat alle deelnemers vervolgens van oor tot oor doorfluisteren. De laatste persoon moet het bericht hardop uitspreken. Grote kans dat dit bericht heel anders is dan het oorspronkelijke bericht waarmee het spel begon. Misschien verstonden sommige deelnemers niet goed wat hun werd toegefluisterd of gebruikten zij andere woorden om de boodschap door te vertellen. Hoe dan ook, de deelnemers hebben – meestal onbewust – het bericht veranderd.

Iets vergelijkbaars gebeurt er met taal. Kinderen krijgen de taal ‘ingefluisterd’ van hun ouders en blijven deze hun hele leven bijstellen. Elke generatie verandert onbewust de taal een beetje: overbodige en onnodig ingewikkelde regeltjes vallen af en nieuwe, nuttige constructies komen erbij. Zo komt er steeds meer regelmaat in een taal. Aan de Universiteit van Amsterdam doen Tessa Verhoef, Bart de Boer en Jelle Zuidema onderzoek naar deze ‘evolutie’ van taal. In werkelijkheid verloopt taalevolutie heel traag, maar met hulp van de NEMO-bezoekers kunnen de taalwetenschappers het proces versneld afspelen.

De taal van de aliens

Gesproken talen kennen al heel veel regelmaat: we weten op gevoel hoe we een meervoud kunnen vormen (‘één klorp, twee …’) en we weten dat een woord niet kan beginnen met ‘tvk…’. Deze structuur kennen we al, en staat dus in de weg als we onderzoek willen doen naar het ontstaan van structuur. De onderzoekers kozen er daarom voor om een hele nieuwe mini-taal te verzinnen die niet wordt gesproken, maar wordt gefloten door een speciale ‘buitenaardse’ computer.

In de zomer van 2012 leerden in totaal 404 bezoekers de alien-taal van de onderzoekers. In het begin was er nog totaal geen structuur in de vreemde taal te ontdekken. Maar nadat hij een paar keer was ‘doorgefluisterd’ aan nieuwe bezoekers, begon de taal te veranderen: hij werd steeds regelmatiger. De chaos aan klanken uit de oorspronkelijke taal werd teruggebracht tot een set van basiselementen die systematisch werden hergebruikt en gecombineerd. Met andere woorden: de alien-taal begon structuur te krijgen, zonder dat de sprekers van de taal zich daar bewust van waren.

Maar zorgt die structuur er ook voor dat de taal makkelijker leerbaar is? Om dat te onderzoeken speelden sommige proefpersonen in NEMO een computerspel. In het spel moesten de spelers slechte UFO’s vernietigen en goede UFO’s redden. Wie goed en wie fout was, konden de spelers horen aan de taal die de aliens spraken. Maar wat de deelnemers niet wisten, was dat sommige spelers buitenaardse fluittalen hoorden zonder enige regelmaat, terwijl andere fluittalen hoorden die wel structuur hadden. De deelnemers die buitenaardse talen hoorden mét structuur behaalden hogere scores dan de andere deelnemers. Blijkbaar zorgt het ‘doorfluisteren’ ervoor dat talen steeds makkelijker te onthouden worden.

In dit Science Live-onderzoek hebben de wetenschappers in twee weken tijd honderden jaren taalevolutie nagebootst. We weten nu dat elke generatie onbewust taal een beetje verandert. Onnodig ingewikkelde regels of woorden verdwijnen vanzelf doordat sprekers niet zullen doorgeven wat ze zelf niet kunnen leren. De taal past zich dus aan aan wat onze hersenen makkelijk vinden om te leren en te onthouden.

Deze keer met deelname van:

Universiteit van Amsterdam
Amsterdam Center for Language and Communication

Dit onderzoek is afgerond

Onderzoek uitgevoerd: zomervakantie 2012 in NEMO Science Museum.

Er deden 404 proefpersonen mee aan het onderzoek. Wij danken alle deelnemers.

De onderzoekers

Nieuws van Science Live